Ga direct naar: submenu | search | Site-navigatie
LOPENDE ONDERZOEKEN
Evaluatie Risicomanagement grote projecten
In haar onderzoeksplan voor 2011 heeft de rekenkamercommissie aangegeven een evaluatie uit te willen voeren naar het risicomanagement van grote projecten door de gemeente Alkmaar.
De gemeente Alkmaar voert een behoorlijk aantal projecten uit. In de programmabegroting 2011 zijn 14 grote projecten benoemd. Vooral grote projecten brengen vaak aanzienlijke financiele , bestuurlijk-organisatorische, juridische en sociaal-maatschappelijke risico's met zich mee, die vragen om een gestructureerde aanpak van het risicomanagement. De rekenkamercommissie heeft signalen ontvangen dat de beheersing van grote projecten nog niet op het gewenste niveau is. Deze punten hebben de rekenkamercommissie aanleiding gegeven een onderzoek naar het risicomanagement bij grote projecten in te stellen.
De rekenkamercommissie wil evalueren hoe het risicomanagement van grote projecten binnen de gemeente georganiseerd en geborgd is. Hoe worden grote projecten op papier en in de praktijk georganiseerd, gepland, bewaakt en bijgestuurd in relatie tot de te behalen resultaten? Aan de hand van een aantal cases wil de rekenkamercommissie bekijken of de intern vastgelegde systemen en werkwijzen in de praktijk gebruikt worden en werken. Het doel is om te leren van de praktijk door succes- en faalfactoren te benoemen. Het gaat daarbij niet alleen om infrastructurele- en bouwprojecten, maar ook om grote projecten in andere sectoren.
De centrale onderzoeksvraag luidt: 'Heeft de gemeente Alkmaar in een voldoende mate het risicomanagement van grote projecten georganiseerd en geborgd, zodat de diverse risico's die zich kunnen voordoen voldoende beheerst zijn? '
Met behulp van diverse deelvragen zal deze onderzoeksvraag beantwoord gaan worden, waarbij een onderscheid gemaakt wordt naar:
a. doelen en rollen rondom grote projecten;
b. projectmanagement in relatie tot risicomanagement;
c. rollen en uitvoering rondom risicomanagement;
d. kaders en afspraken rondom risicomanagement van grote projecten;
e. doeltreffendheid en doelmatigheid van risicomanagement van grote projecten.
De rekenkamercommissie heeft Twynstra Gudde opdracht gegeven de evaluatie uit te voeren. De verwachting is dat het eindrapport in mei 2012 aan de gemeenteraad kan worden aangeboden.
Evaluatie naar de vorming van Centra voor Jeugd en Gezin
In aanvulling op het onderzoeksplan voor 2011 heeft de rekenkamercommissie besloten mee te doen aan een gezamenlijk onderzoek van de Algemene Rekenkamer en een aantal lokale rekenkamer(commissie)s (29) naar de vorming van Centra voor Jeugd en Gezin (CJG).
Het idee voor dit onderzoek is ontstaan vanuit het besef dat lokale, regionale en nationale bestuursniveaus op allerlei terreinen steeds meer met elkaar vervlochten raken. Ingewikkelde maatschappelijke problemen in bijvoorbeeld het arbeidsmarktbeleid, het jeugdbeleid en het veiligheidsbeleid laten zich niet binnen één bestuursniveau oplossen. Ze vragen om een integrale aanpak waarin meerdere bestuursniveaus hun verantwoordelijkheid nemen. Daarnaast is de vraag aan de orde hoe de Algemene Rekenkamer en lokale rekenkamer(commissie)s elkaar kunnen aanvullen en versterken, waardoor het geheel meer dan de som der delen wordt.
Wat wil de rekenkamercommissie met dit gezamenlijk onderzoek bereiken?
De probleemstelling is tweeledig. Voor de lokale rekenkamer(commissie)s is de hoofdvraag of de CJG-vorming in de gemeente op koers ligt (zowel in tijd als in kwaliteit) en of het CJG als middel bijdraagt aan de opvoed- en opgroeiondersteuning voor ouders en kinderen van 0 tot 23 jaar en aan de coordinatie van zorg (één gezin, één plan). Voor de Algemene Rekenkamer is het van belang hoe het met de invoering van de CJG's staat en of er (in de onderzochte gemeentes) echt samenwerking en integratie van hulpverlening plaatsvindt.
Het onderzoek betreft de zorg voor jeugd die onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid valt. De provinciale jeugdzorg blijft buiten de scope van het onderzoek. In het onderzoek wordt tot het CJG gerekend het basismodel CJG, inclusief de schakels die daarin vertegenwoordigd zijn. Daarmee is dus de samenwerking met Bureau Jeugdzorg en met het onderwijs (via Zorg- en Adviesteams) betrokken. Waar gesproken wordt over het CJG wordt niet alleen bedoeld het CJG als zijnde een gebouw/inlooppunt, maar ook het virtuele CJG en alle professionals die werken aan of in het CJG of op andere locaties.
Het onderzoek wordt na de zomervakantie 2011 gestart.
Evaluatie minimabeleid
In haar onderzoeksplannen voor 2011 en 2012 heeft de rekenkamercommissie aangegeven een evaluatie te willen uitvoeren van het minimabeleid in de gemeente Alkmaar
In Alkmaar omvat armoedebestrijding het ondersteunen met inkomensregelingen, het tegengaan van sociale uitsluiting en het bevorderen van arbeids- en/of maatschappelijke participatie en zelfredzaamheid. 'Meedoen aan de samenleving' is het overkoepelende doel van het armoedebeleid.
Het minimabeleid is een onderdeel van het armoedebeleid. De gemeenteraad heeft in juni 2009 het beleidskader voor het minimabeleid vastgesteld. Alkmaar kent in het kader van het minimabeleid verschillende regelingen voor mensen in een armoedesituatie, die zijn ondergebracht in drie categorieen: individuele bijzondere bijstand, categoriale bijzondere bijstand en overige regelingen. Minima kunnen een beroep doen op regelingen als hun inkomen maximaal 110% van de bijstandsnorm bedraagt (tot en met 2011 lag deze grens op 120%).
Uit eerder onderzoek is bekend, dat het gebruik per regeling sterk verschilt. Om het gebruik te verhogen heeft de gemeente daarom vanaf 2009 acties ondernomen. Het Alkmaarse minimabeleid kent twee doelstellingen:
1. Het verhogen van het bereik van de voorzieningen van het minimabeleid.
2. Het verhogen van de maatschappelijke participatie en het tegengaan van sociale uitsluiting van Alkmaarse minima.
De rekenkamercommissie heeft voor het onderzoek van het minimabeleid de volgende hoofdvraag geformuleerd:
'In hoeverre bevorderen de gemeentelijke regelingen in het kader van het minimabeleid de maatschappelijke participatie en gaan zij sociale uitsluiting tegen? '
Voor de beantwoording heeft de rekenkamercommissie onderzoeksvragen geformuleerd over de rechtmatigheid (naleving van de landelijke wet- en regelgeving), de doelmatigheid (optimale verhouding tussen de ingezette middelen en de behaalde resultaten) en de doeltreffendheid (zijn de doelstellingen gerealiseerd).
De rekenkamercommissie heeft het Verwey-Jonker Instituut opdracht gegeven de evaluatie uit te voeren door middel van documentenonderzoek, interviews en een telefonische enquête. De verwachting is dat eind 2012 het onderzoeksrapport aan de gemeenteraad kan worden aangeboden.
Laatste wijziging: 08 maart 2012