Ritsevoort 7 (2006)

Waar bent u naar op zoek?

Cultuur en Historie > Opgravingenkaart > Ritsevoort 7 (2006)

Ritsevoort 7 (2006)

In 2006 en 2008 zijn drie kleinschalige opgravingen uitgevoerd bij Ritsevoort 7 (2006), 60 en 32 (2008). De straat Ritsevoort is het verlengde van de Kennemerstraatweg, de aloude randweg langs de oostkant van de zandrug van Alkmaar-Heiloo-Limmen. Er zijn allerlei onderzoeksvragen over de ontstaans- en bewoningsgeschiedenis van deze stadswijk, waarin tot dusverre nauwelijks nog onderzoek heeft plaats gevonden. De opgravingen leverden belangrijke nieuwe informatie op.

Uitsnede uit kaart van Jacob van Deventer

Vragen
De straat Ritsevoort ligt buiten de middeleeuwse vestgrachten (Lindegracht-Oudegracht) en hier was al vroeg een buitenwijkje ontstaan. We bevinden ons op de flank van de zandrug Alkmaar-Heiloo-Limmen, waarop al zo’n 4.000 jaar wordt gewoond. Langs de rand van de zandrug liep een randweg, in later tijd omgedoopt tot Kennemerstraatweg maar mogelijk al vanaf de prehistorie aanwezig. Het Ritsevoort was hier een onderdeel van. Het is dus de vraag of de bodem van het Ritsevoort nog prehistorische sporen bevat en hoe oud deze weg kan zijn geweest.
De straatnaam lijkt te verwijzen naar een voorde, een doorwaadbare plaats in een rivier of moeras. Wanneer we op de hoogtelijnenkaart kijken, valt op dat de straat grotendeels op een soort ruggetje ligt, met een aflopend oppervlak aan weerszijden. Was het hele gebied ooit een depressie (voorde) en is die ‘rug’ een dijkje?
Op de eerste redelijk nauwkeurige kaart, van Jacob van Deventer uit circa 1560, is er een buitenwijk met tientallen huizen aanwezig, tot zo’n 250 meter buiten de stadspoort aan de Lindegracht. Toen men in 1573 de vestingwerken uitbreidde, vormde deze wijk een flink probleem. Men besloot toen om ongeveer de helft van de wijk binnen de nieuwe vesting te trekken. De andere helft moest worden afgebroken voor het graven van de Geestersingel en Kennemersingel en voor het opwerpen van wallen en het Kennemerbolwerk.  We zijn benieuwd naar de ontstaansgeschiedenis van deze wijk, ergens in de 15de eeuw of wellicht eerder, en naar de eerste bebouwing en de bewoners. Eeuwenlang was er in de wijk een bijzondere concentratie van kroegen en herbergen. Zelfs blijkt de Vrouwenstraat van origine de veelzeggende naam Bordeelsteeg te hebben gehad! Was dit ook allemaal al het geval in de 15de en 16de eeuw?

Vroegste vondsten
In 2006 werd een sleufje gegraven in de smalle achtertuin van Ritsevoort 7, aan de noordkant van de straat. In 2008 werd aan de zuidkant van de straat een onderzoek gedaan ter plekke van Ritsevoort 60 en er werd gegraven achter het pand Ritsevoort 32.
Op deze locaties werden geen prehistorische resten aangetroffen, maar bij nr.7 wel een omgespitte bruingrijze zandlaag met een handvol 11de/12de-eeuwse potscherven, wat wijst op gebruik als akkerland in die tijd. Bij Ritsevoort 32 zat er in later omgespitte grond ook wat Fries aardewerk uit de Romeinse tijd, maar er waren geen herkenbare sporen uit die periode (meer) aanwezig.
Tot onze verrassing werd bij zowel nr. 32 als nr. 60 het gele zand van de ondergrond al bereikt op 0,8 m + NAP, amper een halve meter onder de straat. Bij nr. 7 (gelegen aan de oostkant van de straat) was dat een paar decimeter dieper, maar dat houdt ook verband met de natuurlijke helling van de zandrug. De straat is dus niet kunstmatig verhoogd! Het was geen aangelegd dijkje maar een smalle natuurlijke zandrug. De hoogteverschillen in het gebied zijn waarschijnlijk het gevolg van duinvorming en zandverstuivingen. Het verloop van de weg was dus bepaald door het natuurlijke landschap.
Aangetroffen sloten

Langs de zuidkant van Ritsevoort 32 werd een 2 meter brede sloot gevonden als perceelsgrens haaks op de straat. Onder de voorgevel liep ook een sloot, als een soort bermsloot langs de weg. Uit de zandopvulling kwam slechts een handvol scherven, daterend uit de 14de eeuw. Vermoedelijk zijn de sloten gedempt voor de eerste huizenbouw in de 14de of 15de eeuw.

Vlak achter het pand Ritsevoort 60 werd een grote circa 1 meter diepe kuil aangesneden in de opgraving, met onderin een waterput, daterend uit het begin van de 14de eeuw. De kuil liep buiten de opgraving verder, het deel binnen het opgravingsterrein was al 3,5 bij 4 meter en de hele kuil was misschien wel dubbel zo groot. Onderin waren nog spitsporen van de gravers herkenbaar. De drassige kuilbodem vertoonde sliblaagjes van bezonken plantenresten en er was geel stuifzand ingewaaid. De bodemlagen waren wat verrommeld en en er werd zelfs een fraaie afdruk waargenomen van een menselijke blote voet, 21 cm lang. De grote kuil is naderhand met schoon zand gedempt. Dit merkwaardige stel sporen zou een drenkplaats geweest kunnen zijn – er hoeft dan nog geen huis aan de straat te hebben gestaan.
De opgravingen hebben helaas nog geen goede dateringen opgeleverd van het begin van de huizenbouw langs het Ritsevoort. Bij nr. 7 en nr. 60 werden wel resten van vloeren van kleislib aangetroffen en een stookplek, maar de erbij gevonden potscherven zijn slechts globaal te dateren in de 14de of 15de eeuw. Bij nr. 60 stond in de 16de eeuw een huis met een houten kelder. De vondsten in de kelder lijken te wijzen op een demping ten tijde van de grote afbraak in de wijk van 1573.

Latere bewoning
De opgravingen hebben ook het een en ander opgeleverd van na 1573.
Achter Ritsevoort 32 werden enkele aanbouwen afgebroken, waaronder een laat-19de-eeuwse stolpvormige slagerswerkplaats. Aansluitend vond archeologisch onderzoek plaats. Ook werden enkele bouwhistorische waarnemingen gedaan aan het hoofdgebouw. Nog steeds loopt langs de zuidkant de eigen steeg naar de straat. Het is gebouwd met een eiken houtskelet met tussenbalken, dat wil zeggen dat er een ‘frame’ is van verticale muurstijlen en horizontale balken die werden geschoord met korbelen, maar dan afgewisseld door de tussenbalken die rusten op een console in de muur. Deze bouwwijze was kenmerkend voor Alkmaarse huizen in de periode rond 1600. De sleutelstukken en consoles zijn afgewerkt met de toen gangbare ojief-vormige profilering. Het huis had een breedte van 6,85 meter uitwendig en een lengte van ongeveer 11 meter (het achterste deel is in de 20ste eeuw vervangen). Onder een zolderverdieping met borstwering bestond het van origine uit slechts twee vertrekken: een voorkamer en een achterkamer met aan de noordkant een gang langs de achterkamer. Sporen van de binnenwanden zijn nog aanwezig. Tegen de achterzijde van de tussenwand vertoont de balk de uitsnijding voor een trap vlak tegen de gang (misschien ooit vanuit de gang bereikbaar geweest). Op enig moment is de binnenindeling gewijzigd en de linkerhelft van de voorkamer voorzien van een ondiepe kelder. In de late 19de eeuw was er een slagerij gevestigd. In de kelder werden toen gemetselde bakken aangebracht, terwijl op het achtererf een stolpvormige werkplaats en rokerij werd gebouwd. In de opgraving werden onder deze werkplaats resten van oudere bijgebouwtjes gevonden.

Leeghalen van Beerput
Achterin bevond zich ook een beerput met een grote hoeveelheid vondsten, daterend van tweede kwart 16de tot eind 17de eeuw. Het vondstmateriaal hoort bij een gemiddeld gewoon huishouden, met bijvoorbeeld slechts een handvol porselein en al wel enig glazen drinkgerei maar geen echt kostbaar glaswerk zoals kelkglazen in Venetiaanse traditie. Iets dichter bij het huis zat een houten beer-tonput met wat vondstmateriaal uit de tweede helft 15de en vroege 16de eeuw.
Ritsevoort 60 werd wegens bouwvalligheid vervangen door nieuwbouw. Achter de 19de-eeuwse lijstgevel bleken bij de sloop nog delen van een 17de-eeuws huis aanwezig met een zolderverdieping boven de begane grond. In de 19de eeuw stonden er recht achter dit huis nog stallen en kamer-woningen, terwijl er ook nog een buurpand aan de zuidkant naast stond. Sinds dit is gesloopt, is ons pand het eerste binnen de vesten. Er werden drie beerputten gevonden en twee waterputten, maar deze bevatten erg weinig vondstmateriaal. Helaas bleken er na de sloop weinig oudere huisresten meer op locatie aanwezig – voorin het pand zat namelijk een forse kelder.

Peter Bitter

Laatste wijziging: 01 maart 2011