Wageweg (2008)

Waar bent u naar op zoek?

Wageweg (2008)

In 2006 werd bij werkzaamheden aan de Wageweg een walmuur gevonden van de stadswallen van 1528-1551. Ook kwamen resten aan het licht van de Rode Toren bij de Bierkade en van de Wortelpoort aan het uiteinde van de gelijknamige steeg. Spectaculair waren de sporen van de Spaanse bestorming van 18 september 1573. De wal was daarna rond 1580/85 herbouwd op enkele meters ten noorden van de oude – de nieuwe walmuur is de tegenwoordige ‘tuinmuur’ van het Victoriepark. De vondsten zijn beschreven in Nieuwsbrief 19. In 2008 vonden vervolgonderzoeken plaats. In april en juni 2008 werd gezocht naar verdere resten van de Wortelpoort, met gedeeltelijk succes. Aan het einde van de Bierkade was in 1595 de Waterpoort gebouwd en deze werd sinds 1640/41 beter beschermd door een vierkant bolwerkje ernaast. In het najaar van 2006 werd binnen het Victoriepark dit bolwerk opgegraven. In november 2008 werden in de hoek van het Victoriepark de resten van de Waterpoort onderzocht, nadat in het voorjaar enkele bomen waren verwijderd die op en door de funderingen groeiden.

De Wortelpoort (circa 1538/40)
De Wortelpoort maakte deel uit van de eerste wallen in deze hoek van de stad, waarmee in 1528 was begonnen. Inmiddels is de uitslag binnen van een dendrochronologische datering van opgegraven funderingshout van deze walmuur, met als uitkomst dat het eikenhout was gekapt in het voorjaar van 1537! De Wortelpoort zal kort hierna gebouwd zijn.
Op een kaart van Lourens Pietersz uit 1565 is de enige herkenbare afbeelding van de poort weergegeven. De Wortelpoort bestond uit een poorthuis met brug dat aan de westkant werd geflankeerd door een toren. Op een (niet uitgevoerde) ontwerpkaart voor aanplempingen van het oostelijk stadsdeel door Adriaan Anthonisz uit 1572 is de Wortelpoort afgebeeld met aan de westkant naast de brug een halfronde toren. Op de kaart van Lourens Pietersz lijkt de toren wel rond maar dat kan bij nader inzien eigenlijk ook halfrond zijn. Op de kaart van Jacob van Deventer uit ca 1561 lijkt de toren van de Wortelpoort, ietwat kriebelig getekend, ook een halfrond model te hebben maar dat is slecht te zien.
In 2006 waren van de Wortelpoort resten gevonden van het bruggehoofd en de voorgevel van de poort. Dit stak uit in de vestgracht en was daarom gebouwd op diepe funderingen. Opvallend genoeg was de westkant ervan recht en niet gebogen voor een torenvorm. Omdat de wegaanleg in 2006 precies bij deze fundering eindigde, moest worden gewacht op werkzaamheden aan de oprit voor de nieuwe Friesebrug, voordat verder gezocht kon worden naar de toren.
Op 9 april 2008 werd in overleg met de gemeentelijke projectleider Gerard Heidema en opzichters Henk Jan Strabbing en Mike Strijbis een zoeksleuf gegraven onder de noordelijke rijbaan van de oprit, helaas zonder succes. Een nieuwe poging volgde op 3 juni onder de zuidelijke rijbaan. Er werd in de voormalige wal een 60 cm brede fundering gevonden van een rechte muur die vrijwel parallel liep met de zijkant van het bruggehoofd, op 6,5 meter westelijk ervan. Hij was gemetseld van dezelfde baksteen als het bruggehoofd, geel/oranjerood van 20/21 x 9,5/10,5 x 4,5/5 cm. De fundering was vrij ondiep, de onderkant op 0.41 m - NAP, met nog slechts 3 steenlagen aanwezig. Het deel van de poort dat in de stadswal zat, was kennelijk niet dieper gefundeerd dan nodig. Door de aanleg en veranderingen van de Wageweg zijn deze ondiepe funderingen vrijwel opgeruimd. Vermoedelijk was de toren U-vormig, met het ronde deel uitstekend in de vestgracht. Dankzij deze vondst is de poort globaal te reconstrueren.

De Tienenwal en de Waterpoort (circa 1580/85 en 1595)
Als een soort tuinmuur loopt tegenwoordig langs het park nog de walmuur die rond 1580/85 is opgetrokken ter vervanging van de eerste walmuur die door de Spanjaarden vernield was. Deze walmuur werd toen meteen doorgetrokken langs de huidige Tienenwal, buiten langs de nieuwe eilanden in het Voormeer. Van de aanzet van de Tienenwal zit in het Victoriepark de fundering nog in de grond, aan het uiteinde van de bovengronds zichtbare walmuur. Ze zijn in verband gemetseld en behoren dus tot één bouwcampagne. In 1574 had men van de puinhopen van de Rode Toren een ‘bastijlloentijen’ gemaakt ter bescherming van de hoek Bierkade. Dit verdween bij de aanleg van de Tienenwal. Doordat de Tienenwal een iets afwijkende orientatie had ten opzichte van de stadswal bij de Wageweg, was er een verspringing met een dubbele knik bij de aanzet van de Tienenwal. Op de kaart van Drebbel uit 1597 zien we de verspringing terug, maar de molen staat er net voor. Rechts van de molen bevindt zich de Waterpoort, een kleine toegang tot de stad vanaf het Oudorperdijkje naar het noordeinde van de Bierkade. Deze Waterpoort was kort tevoren, in 1595, gebouwd op verzoek van en voor kosten van de buren aan het Luttik Oudorp. Ten oosten ervan had men twee kokers gemaakt onder de stadswal ter verbinding van de Voormeer met de vestgracht. In 1716 werd de poort wegens verval vanaf de grond opnieuw gebouwd. In 1788 en 1809 werd hij nog hersteld. In 1821 volgde de sloop vanwege het Noordhollands kanaal.

In 2006 was in het Victoriepark een stukje gevonden van de Waterpoort, op luttele meters van de huidige oever van het Noordhollands Kanaal. Hier liep het onderzoek evenwel vast door de aanwezigheid van bomen, die geworteld waren op en in de resten van de Waterpoort. Om verdere wortelschade te voorkomen en om de aanwezige resten nog verder te onderzoeken, moesten de bomen verwijderd worden. Van 26 november tot 4 december 2008 werd vervolgens de poort opgegraven.
De Waterpoort bestond in essentie uit een soort tunnel door de wal heen, zoals te zien is op de kaart van Drebbel van 1597. Op een kaart van Gerrit Hengevelt uit 1715 is te zien dat de doorgang een breedte had van circa 3 meter en een lengte van ongeveer 10,5 meter. Van de poort werd aan de voorzijde nog een 3 meter lang fundament opgegraven, de rest is verdwenen door de doorgraving van het Noordhollands Kanaal. Op een 90 cm dik fundament stond nog het begin van het opgaand muurwerk van 40 cm dik. De onderkant ligt ruim 2 meter diep en geheel onderin (diep in het grondwater) kan nog een deel van de walmuur van 1580/85 aanwezig zijn. Voor de buitenzijde van de poortmuur is nette donkergele steen gebruikt in kruisverband, 20 x 9,5 x 4,5 cm. De funderingen liggen alle dieper dan het toenmalige loopvlak, dus ónder het straatpeil. De poortfundering ligt vreemd gedraaid ten opzichte van de verwachte ligging en hij is naar het oosten flink verzakt (over 3 meter circa 10 cm). Waarschijnlijk is hij in 1821 bij de sloop verschoven. Iets ten zuiden ervan werden wat funderingen gevonden van de binnenwand van de poort, circa 70 cm dik. Ze liggen niet meer helemaal in de juiste oriëntatie, vanwege bodemverschuivingen tijdens de sloop in 1821 of bij latere boomplantingen.

Het bolwerk (1640/41)
In de jaren rond 1640 werd de Schermerweg gemaakt als verbinding met de pas droog gelegde Schermer. Men bouwde de Schermerpoort en aan het Heiligland kocht de stad houthandelaren uit om er een doorlopende weg te maken. Vervolgens werd binnenlangs de stadswal de Wageweg aangelegd om het verkeer achterom de drukte van het Luttik Oudorp te kunnen leiden. Voor de Wageweg moesten enkele panden worden gesloopt en de molen de Rood werd naar buiten verplaatst. Men bouwde toen naast de Waterpoort een vierkant bolwerk, waar de molen bovenop werd gezet. De nieuwe situatie is goed te zien op de kaarten van Blaeu uit 1649 en van Hengevelt uit 1715.
In augustus 2006 kon de noordoosthoek van het bolwerk worden vrijgelegd. Net als de walmuur was het bolwerk voorzien van een dikke bakstenen bekleding. De walmuur van 1580/85 is aan de achterzijde voorzien van horizontale ribben voor een beter verband met de aarden wal, in tegenstelling tot de oudste walmuur (nu onder de Wageweg) die een rechte achterzijde had. Hij staat ook iets meer achterover dan de oudste walmuur en hetzelfde geldt voor de bekleding van het bolwerk. De bolwerkmuur heeft echter een rechte achterzijde en geen horizontale ribben. Voor het bolwerk van 1640/41 is dezelfde baksteensoort gebruikt als voor de walmuur van 1580/85: rode steen van 25/26 x 12 x 5/5,5 cm – de ongebruikelijk grote baksteen is kennelijk speciaal voor dit doel gemaakt.
Langs de oostkant van het bolwerk lag een bruggehoofd. De aanzet ervan is nog gevonden aan de noordoosthoek van het bolwerk, in verband gemetseld met de bekleding. Op twee prenten van Pronk uit 1727 is te zien dat het bruggehoofd bestond uit een open voorpleintje met stenen kaden.
In 1758 ‘is de borstwering van de stadtswal, streckende van de Vrieschen tot aen de Waterpoort, welcken door langdurigheydt van jaaren ten eenen maal vervallen was, seer cierlijk en net weder opgemaekt’ (Fasel, Kroniek). Inderdaad bleek er aan de buitenzijde van het bolwerk een 30 cm dikke baksteenschil aangebracht te zijn, strak gemetseld in kruisverband met rode steen van 21 x 10,5 x 4 cm.

Vestingen en Victoriepark
Bij het uitgraven van het Noordhollands kanaal werd de vestgracht gedempt en een groot terrein fors opgehoogd met de uitgegraven grond. Dit werd het Victoriepark, gewijd aan een hoogtepunt in de vestinghistorie van Alkmaar. In 2007 is besloten, dat de vestingwerken in deze hoek van het park als uitgangspunt zullen dienen bij de herinrichting. We houden u op de hoogte!

Peter Bitter


Situatieschets

Afb.1 Situatiekaart met de opgegraven muren, aangevuld aan de hand van de kaart van G. Hengevelt uit 1715 (onderbroken lijn). Tekening P. Bitter.

Kaart C. Drebbel     Kaart I. Blaeu

Afb.2 Uitsnede uit de kaart
van C. Drebbel, 1597.                Afb.3 Uitsnede uit de kaart van I. Blaeu, 1649

Opgraving 2008

Afb.4 Overzicht van de opgraving in 2008, vanuit het noorden. Middenvoor het bolwerk (met de bekleding van 1758), linksachter de voormuur en een stukje zijwand van de Waterpoort.

Aquarel J. de Ruyt uit 1821

Afb.5 Aquarel door J. de Ruyt uit 1821 van de buitenzijde van de Waterpoort, vlak voor de sloop (Foto Regionaal Archief Alkmaar).


 

Laatste wijziging: 01 maart 2011