Wmo uitgelegd

Wat is de Wmo?

De Wmo is een landelijke wet. Wmo is een afkorting en staat voor: Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Deze wet zorgt ervoor dat wanneer inwoners het zelf niet redden, er hulp is vanuit de gemeente. Zodat iedereen zo lang en zo goed mogelijk zelfstandig mee kan doen aan de samenleving.

Wmo-hulp is tijdelijk

Alle hulp vanuit de Wmo is tijdelijk. Dit betekent dat er hulp is zolang dit nodig is. Dat is voor iedereen anders. Inwoners worden via de Wmo tijdelijk ondersteund zodat zij mee kunnen doen aan de samenleving. Ondanks hun ziekte of beperking. Als een inwoner langer hulp nodig heeft, kan de hulp in sommige gevallen verlengd worden. De inwoner vraagt dan zelf verlenging aan bij de gemeente.

Meer weten over de Wmo?
Informatie over de landelijke wetgeving Wmo is te vinden op de website van de Rijksoverheid.

Informatie over hoe de Wmo in Alkmaar geregeld is, leest u in de Verordening Wmo Alkmaar en de Nadere regels Wmo.

Veelgestelde vragen

Als u hulp van de gemeente wilt, kijkt u eerst wat u zelf kunt doen. Op de pagina Ik zoek hulp staat dat in stap 1 en 2 uitgelegd. Als u desondanks geen hulp heeft gevonden, kunt u zich melden bij het Aanmeldpunt Wmo.

Als de gemeente u hulp geeft, kunt u niet zelf kiezen. De gemeente bepaalt welke hulp u krijgt. Vanuit de Wmo is de gemeente verplicht om de goedkoopste oplossing te kiezen. Dit noemen we een maatwerkvoorziening.

Er is wel een mogelijkheid om in plaats van hulp in natura een vergoeding te ontvangen. Dit noemen we een Persoonsgebonden Budget (PGB). U kunt dan zelf kiezen welke hulp u krijgt, maar u moet dit dan ook zelf regelen. Bij hulp in de vorm van een PGB zijn er voorwaarden. Lees meer over de voorwaarden bij een PGB op rijksoverheid.nl.

Ja, u moet betalen. Hulp via de gemeente is niet gratis. Iedereen die hulp krijgt en 18 jaar of ouder is, betaalt een eigen bijdrage van 19 euro per maand. U betaalt de eigen bijdrage aan het CAK. U krijgt hiervoor een factuur van het CAK thuisgestuurd.

Op de website van het CAK vindt u veelgestelde vragen over de eigen bijdrage.

Of bekijk onze pagina Eigen bijdrage Wmo.

Het CAK staat voor het Centraal Administratie Kantoor. Dit is een landelijke organisatie van de overheid die de eigen bijdragen int.

Op de website van het CAK vindt u veelgestelde vragen over het CAK en de eigen bijdrage.

Heeft u een inkomen op of net boven het bijstandsniveau? Dan kunt u de eigen bijdrage terugvragen via de bijzondere bijstand of via de collectieve zorgverzekering (CZM) van Univé. Dit regelt u via HalteWerk.

Informatie over ZIN en PGB vindt u op onze pagina Hulp via ZIN of PGB.

Als u een vraag heeft over een brief of factuur van het CAK kunt u het beste contact opnemen met het CAK zelf.

Als het CAK u doorverwijst naar de gemeente, kunt u terecht bij de Wmo-administratie. U belt dan naar 14 072 en vraagt naar de Wmo-administratie.

Mogelijk vindt u het antwoord op uw vraag ook bij de veelgestelde vragen over de eigen bijdrage op cak.nl.

Het duurt ongeveer 8 weken tot de gemeente beslist of en welke hulp u krijgt.

Na deze beslissing kan het tot 4 weken duren totdat u deze hulp krijgt. Momenteel kan dit langer duren omdat er meer aanvragen zijn dan er hulp beschikbaar is.

U gaat eerst in gesprek met degene die u hulp geeft. Als u er niet uitkomt, kunt u een officiële klacht indienen bij de organisatie die uw hulp regelt.

De naam van de organisatie die uw hulp regelt, staat op de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen.

Als uw klacht niet naar wens wordt opgelost, kunt u nog meer doen. Wat u nog meer kunt doen bij klachten over de kwaliteit van de zorg leest u op rijksoverheid.nl.

U kunt zich voor onafhankelijke hulp of advies altijd melden bij een onafhankelijk cliëntondersteuner, langsgaan bij het juridisch loket of contact opnemen met een sociaal juridisch medewerker van MEE & De Wering. Deze hulp kost niets.

Ja. De hulp die u krijgt is tijdelijk. In de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen staat wanneer uw hulp stopt. Dit is de einddatum van uw hulp.

Als u denkt dat u langer hulp nodig heeft, neemt u uiterlijk 8 weken voordat de hulp stopt contact op met de gemeente. U dient dan een verlengingsverzoek in. Neem hiervoor contact op met het Aanmeldpunt Wmo.

U kunt dit op 2 manieren regelen:

  • U belt het Aanmeldpunt Wmo via 14 072. Meld  wat u wilt stopzetten en wat de reden hiervan is.

Als uw hulp niet is komen opdagen, neemt u contact op met de organisatie waaruit u hulp krijgt.

De naam van de organisatie waarvan u hulp krijgt, staat op de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen.

U kunt contact opnemen met de leverancier van uw hulpmiddel.

De naam van deze leverancier staat in de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen.

U kunt contact opnemen met de organisatie die hulp voor u regelt.

De naam van deze organisatie staat in de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen.

Als uw hulpmiddel kapot is of gerepareerd moet worden, neemt u contact op met de leverancier van uw hulpmiddel.

De naam van deze leverancier staat in de brief ‘Beschikking Wmo’ die u van de gemeente heeft ontvangen.

De gemeente biedt hulp wanneer u het zelf niet kunt oplossen. Op de pagina Ik zoek hulp staat in stap 1 en 2 uitgelegd wat u zelf kunt doen.

Als u stap 1 en 2 heeft gedaan en geen oplossing heeft gevonden voor uw hulpvraag, kan de gemeente helpen. Hiervoor meldt u zich bij het Aanmeldpunt Wmo. De gemeente beslist of u in aanmerking komt.

De volgende hulp kunt u aanvragen:

– Dagbesteding
Bijvoorbeeld een activiteit op een zorgboerderij of zorgcentrum

– Hulp bij huishouden
Bijvoorbeeld schoonmaken of opruimen

– Vervoer (korte ritten)
Bijvoorbeeld naar familie of de winkel

– Woningaanpassingen
Bijvoorbeeld een traplift of douchezitje

– Hulpmiddelen (voor langere tijd)
Bijvoorbeeld een rolstoel

– Respijtzorg voor mantelzorgers
Bijvoorbeeld logeeropvang

– Begeleiding
Bijvoorbeeld bij het plannen en organiseren van de dag

– Beschermd wonen
Op een locatie met begeleiding

Sommige hulp regelt u altijd zelf. Alle informatie om dit te doen vindt u op de pagina Ik zoek hulp.

De volgende hulp regelt u zelf:

– Boodschappen
– Maaltijdservice
– Activiteiten zoals een spelletjesochtend
– Kleine klussen in huis
– Kleine woningaanpassingen
– Elektrische fiets (e-bike)
– Wijkverpleging (dit vraagt u aan bij uw huisarts)

De Wmo en de Wlz zijn beide wetten die hulp regelen voor inwoners die dat nodig hebben. Hieronder leggen we uit wat deze wetten betekenen.

De Wmo – Wet Maatschappelijke Ondersteuning – is een Wet die regelt dat er altijd een vangnet is voor inwoners die hulp nodig hebben. Dat vangnet wordt geregeld door de gemeente.

De hulp vanuit de Wmo richt zich altijd op zelfredzaamheid, mee doen in de samenleving en zelfstandig thuis wonen. Alle inwoners vanaf 18 jaar kunnen hulp aanvragen vanuit de Wmo. Bijvoorbeeld: ouderen, chronisch zieken of mensen met een beperking. Alle hulp vanuit de Wmo is tijdelijk. Soms is verlenging mogelijk.

Meer informatie over de Wmo leest u op de pagina van Rijksoverheid.nl

De Wlz – Wet langdurige zorg – is een Wet die blijvende, intensieve hulp regelt. De hulp wordt geregeld door het zorgkantoor.

De hulp vanuit de Wlz is bedoeld voor inwoners die de rest van hun leven, de hele dag hulp of toezicht nodig hebben. Vaak wonen deze inwoners niet meer thuis maar in een verpleeghuis of instelling.

Meer informatie over de Wlz leest u op de pagina van Rijksoverheid.nl

Van Wmo naar Wlz

Het kan ook zijn dat u hulp ontvangt vanuit de Wmo maar dat uw situatie verandert. U heeft bijvoorbeeld andere of meer hulp nodig dan eerst. Soms betekent dit dat u voortaan hulp vanuit de Wlz krijgt. De gemeente regelt uw hulp dan niet meer. Het zorgkantoor regelt namelijk alle hulp vanuit de Wlz.

Meer informatie over de overgang van hulp vanuit de Wmo naar hulp vanuit de Wlz leest u op de pagina van Rijksoverheid.nl

U meldt zich minstens 8 weken voordat u gaat verhuizen bij het Aanmeldpunt Wmo. Vermeld in uw melding zowel uw huidige als uw nieuwe adresgegevens. Zorg ervoor dat u de volgende extra documenten meestuurt bij uw melding:

  • De beschikking die u van uw huidige gemeente heeft gekregen
  • Indien aanwezig: het onderzoeksverslag die uw huidige gemeente heeft gemaakt
  • Indien u begeleiding of dagbesteding krijgt: het ondersteuningsplan

Als u er niet uitkomt, vraag uw huidige gemeente u te helpen.

Als u tijdelijk meer hulp nodig hebt dan afgesproken, neemt u eerst contact op met de organisatie die uw hulp geeft. Samen bekijkt u of er nog ruimte is binnen uw huidige indicatie. U hoeft dan geen contact op te nemen met de gemeente.
Als er geen ruimte is binnen uw indicatie, neemt u contact op met de gemeente.

De naam van de organisatie staat op de brief ‘beschikking wmo’ die u van de gemeente heeft gehad.

De Wmo is een vangnet en biedt hulp in vorm van een maatwerkvoorziening. Dat betekent dat het verschillend is welke hulp of ondersteuning iemand krijgt vanuit de Wmo.

Het kan zo zijn dat een hulpvraag niet onder de Wmo valt. Bijvoorbeeld wanneer:

  • U een Wlz-indicatie heeft, niet meer thuis woont en hulp aanvraagt die onder de Wlz valt. Wlz staat voor Wet Langdurige Zorg. U kunt dan hulp aanvragen bij het CIZ. Op deze pagina van het CIZ kunt u een Wlz-check doen. Daarmee ziet u of uw melding onder de Wmo of Wlz valt.
  • Uw partner, kinderen of andere inwonende huisgenoten gebruikelijke hulp kunnen bieden. Denk bijvoorbeeld aan stofzuigen, de was doen of de ramen lappen, het bijhouden van de financiële administratie en het opwarmen van maaltijden.
  • Uw hulpvraag kortdurend is. Bijvoorbeeld wanneer u net geopereerd bent. Denk aan krukken of een rolstoel. U kunt dan hulp aanvragen bij het zorgkantoor. Ook is het soms mogelijk via uw zorgverzekering huishoudelijke hulp te krijgen na een ziekenhuisopname. Neem hiervoor contact op met uw eigen zorgverzekeraar.
  • U geholpen bent met de hulp van (vrijwilligers)organisaties in Alkmaar. Meer hierover leest u op onze pagina ik zoek hulp (LINK)
  • Als u via Medipoint een hulpmiddel kunt lenen of huren. Deze producten worden vaak vergoed door uw zorgverzekering.  Hierbij kunt u denken aan loophulpmiddelen, rollators, badplanken, douchestoelen en -krukken.
  • U hulpmiddelen zelf kunt aanschaffen en/of huren en deze hulpmiddelen ook beschikbaar is wanneer u geen beperking heeft. Dit noemen we algemeen gebruikelijke voorzieningen. Vaak zijn deze hulpmiddelen te koop bij Medipoint maar ook te verkrijgen bij reguliere winkels zoals een bouwmarkt. Soms worden hulpmiddelen ook tweedehands aangeboden op Marktplaats. Voorbeelden van algemeen gebruikelijke voorzieningen zijn: een elektrische fiets, douche beugels; een douchekrukje; hendel-mengkranen; een verhoogd toiletpot.

De gemeente kan hulp vanuit de Wmo weigeren wanneer:

  • U zelf al een hulpmiddel heeft aangeschaft voordat u een beschikking heeft ontvangen van ons. U ontvangt pas een beschikking als u een melding Wmo heeft gedaan en uw melding is onderzocht door een klantmanager. U kunt geen hulpmiddelen bij ons declareren die u al heeft aangeschaft, tenzij er sprake is geweest van spoed en u samen met ons hier afspraken over heeft gemaakt.
  • U al vergelijkbare hulp(middelen) heeft. Bijvoorbeeld als u al eerder een scootmobiel heeft gehad;
  • U verhuist bent zonder dat hier een belangrijke reden voor was en hierdoor de hulpvraag is ontstaan. Als u bijvoorbeeld al een traplift heeft gehad van ons, kunt u bij verhuizen geen nieuwe geïndiceerd krijgen;
  • U zelf heeft kunnen voorzien dat uw hulpvraag zou kunnen ontstaan op enig moment. Wij verwachten bijvoorbeeld dat u zelf op tijd actie onderneemt om uw woning af te stemmen op uw levensfase. Neem eens een kijkje bij het slimste huis .
  • U bepaalde aandoeningen heeft waardoor gebruik van bepaalde hulp(middelen) gevaarlijk of risicovol is voor uzelf en/of anderen. Bijvoorbeeld wanneer u een scootmobiel wilt maar eigenlijk niet meer volledig kunt meedoen aan het verkeer.
  • Uw hulpvraag bedoelt is voor een woonruimte dat niet behoort tot uw hoofdverblijf. Bijvoorbeeld een tuinhuis;
  • Uw hulpvraag betrekking heeft op voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten, met uitzondering van automatische deuropeners, hellingbanen, het verbreden van gemeenschappelijke toegangsdeuren, het aanbrengen van drempelhulpen of vlonders of het aanbrengen van een opstelplaats bij de toegangsdeur van de gemeenschappelijke ruimte;Al onze weigeringsgronden leest u in onze Verordening Wmo.